Clément Marot

 

Pour une Damoyselle malade

 

Ma mignonne,

Je vous donne

Le bon jour;

Le séjour

C’est prison.

Guérison

Recouvrez,

Puis ouvrez

Votre porte

Et qu’on sorte

Vitement,

Car Clément

Le vous mande.

Va, friande

De ta bouche,

Qui se couche

En danger

Pour manger

Confitures;

Si tu dures

Trop malade,

Couleur fade

Tu prendras,

Et perdras

L’embonpoint.

Dieu te doint

Santé bonne,

Ma mignonne.

 

 

Voor een zieke Juffer

 

Lieve schat,

Ik wens dat

Ook uw dag

Mooi zijn mag.

Ziek zijn is

Hechtenis,

Dus herstel

Nu maar snel,

Verlaat ras

Het matras

En zoek vlug

Frisse lucht.

Clement zegt

Dit met recht.

Vul je snoet

Met veel zoet.

Blijf niet daar

In gevaar.

Eet als kuur

Confituur.

Als je smart

Toch volhardt

Dan verbeur

Je je kleur

En gewicht.

God verlich-

te je pad,

Lieve schat.